18 augustus 2021

Herinneringen aan de Grand Prix in Zandvoort – deel 5

In aanloop naar de Dutch Grand Prix begin september maken we in de Zandvoortse Courant ruimte vrij voor Zandvoorters die in het verleden een of meerdere Grand Prix’s op het circuit hebben bijgewoond en daar prachtige verhalen over kunnen vertellen.

Deze week de herinnering van Jan van Gemert: “Voor de verkoop van een toegangskaart moest ik de cel in…

Jan van Gemert is zijn hele leven lang fan van het autoracen geweest en was en is nog altijd kind aan huis op het circuit. Zoals zoveel jonge jongens hielp hij bij de slipschool van Rob Slotemaker. Rijbewijs of niet, hij reed in alle wagens die er stonden. Hij beleefde er in zijn jeugd heel wat avonturen. Zoals onderstaand verhaal:

“Ik zal 13 of 14 jaar zijn geweest en werkte op de slipschool van Rob Slotemaker. Mooie tijd! De toen nieuwe (anti) slipschool was net open, dus ik denk dat het de Grand Prix van 1964 of 1965 was. Jim Clark won, maar dat deed hij beide jaren. Als je baanspuiter was, kon je via de hoofdingang bij de slipschool komen, want de controleurs kenden je wel. Als je verder naar de pits wilde, kon je  in een slip Simca, die toen als lesauto werd gebruikt, in de kofferbak gaan liggen. Eenmaal aangekomen achter de pits moest je als de kust veilig was er snel uit klimmen. Ze zijn me ook wel eens vergeten en dan duurt anderhalf uur heel lang!”

Toegangskaart

Jan: “Rob Slotemaker racete zelf natuurlijk ook in de Grand Prix weekenden en kreeg dan een beperkt aantal toegangskaarten. Op de racedag zelf bleek er toevallig een kaart over te zijn. Hoe deze dan precies in mijn bezit kwam, weet ik niet meer, maar slimme Jantje ging hem wel even verkopen bij de hoofdingang.”

Dat liep niet goed af, weet Jan zich nog goed te herinneren. “Op een gegeven moment stond er een grote politieman in uniform voor me. Heel indrukwekkend, want ik had verder nog nooit iets stouts gedaan. Dus schrok ik me rot… Ik moest de kaart afgeven en vertellen hoe ik er aan kwam. Ik had beloofd dat niet te vertellen, dus toen ik m’n mond dicht hield, moest ik met de agent meekomen. Achter de pits stond parallel aan de Gerlachbocht een grote ‘woonwagen’ als mobiele politiepost. Na een kort verhoor moest ik in een hok plaatsnemen en heb daar als ik het me goed herinner, de hele Grand Prix in gezeten. Het was wel mogelijk de race te volgen door een smal raampje, maar echt leuk was het toch niet. Toen het afgelopen was, werd ik weer losgelaten zonder verdere gevolgen, maar wel een ervaring rijker!

De hele serie verhalen is terug te lezen onder het kopje Herinneringen aan de Grand Prix in Zandvoort

Deel dit: